Groningen beeft, maar Rotterdam leeft steeds korter

On 27 januari 2014, in Column, by tiesjoosten
0

VB_Metro_Eva_DEFIedere maandag verschijnt in gratis krant Metro een opiniestuk van Vers Beton. De realisatie van twee kolencentrales doet de levensverwachting in Rotterdam ernstig geweld aan. Ties Joosten ziet het met lede ogen aan. Hij vindt dat we ons wel wat meer mogen opstellen als de Groningers, die ziedend zijn over aardgasboringen.

 Groningen beeft en is boos, heel boos. Aardgas ter waarde van 500 miljard euro werd er door de NAM uit de provincie gepompt, terwijl de kosten daarvan (scheuren in muren, dalende huizenprijzen) doodleuk op de samenleving werden afgewenteld. Groningen voelt zich misbruikt als pinautomaat van Nederland.

Lees verder op VersBeton.nl

Tagged with:
 

006Het belangrijkste nieuws uit de brief die het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) eind vorige week naar minister Kamp (Economische Zaken) stuurde was dat het KNMI de verwachting voor de maximale sterkte voor een aardbeving in Groningen naar boven bijstelt. Alweer. Ooit was de maximaal verwachte sterkte 3,5, nu zou hij ergens tussen de 4 en de 5 liggen. Groningen heeft dan ook geen vertrouwen in weer een nieuw onderzoek van het KNMI: “Ze moeten telkens de maximaal verwachte sterkte bijstellen. Wie zegt dat ze het ditmaal wel bij het rechte eind gaan hebben?” zegt Bettie van Veen van de Groninger Bodembeweging.

Ook vindt Van Veen dat het KNMI door de schaal van Richter te gebruiken een misleidend beeld geeft. Door de Groningse kleigrond en het ondiepe epicentrum worden aardbevingen in Groninger namelijk zwaarder ervaren dan de Richterschaal aangeeft. “Het gaat ons om de intensiteit van de aardbeving. Laatst hadden we al een beving met een intensiteit van 6 tot 7.” Van Veen doelt hier op de schaal van Mercalli, die volgens haar beter gebruikt kan worden om het aardbevingsgevaar in kaart te brengen.

Een woordvoerster van het KNMI vindt de kritiek van de Groninger Bodembeweging voorbarig: “We hebben op dit moment nog niet eens een verzoek van de minister voor een onderzoek gehad.” Dat de Groningers geen vertrouwen hebben in een KNMI noemt de woordvoerster “jammer, maar het is hun perceptie.”

Het wantrouwen van de Groningers jegens de autoriteiten die de aardbevingsrisico’s moeten inschatten gaat ver terug. Toen in 1986 de eerste aardbeving in Assen plaatsvond hadden veel Noord-Nederlanders al het gevoel dat het iets met de gaswinning te maken had. Lange tijd heeft de Nationale Aardolie Maatschappij (NAM), die het Slochterse gas oppompt, dit verband echter ontkend. Pas in 1993 gaf de NAM toe dat de aardbevingen een direct gevolg zijn van de gaswinning.

Van Veen heeft dan ook het idee dat de Groningers slechts speelbal zijn van de Haagse financiële belangen. “Toen minister Kamp hier 25 januari was zegde hij toe zo snel mogelijk met de versteviging van gebouwen te beginnen. Gisteren bleek dat hij daar pas in het derde kwartaal van 2013 mee aan de slag gaat. Dan is het seizoen van de zware aardbevingen, dat normaal van juni tot augustus loopt, al weer bijna voorbij. Moeten er dan eerst slachtoffers vallen voordat er iets gebeurd?”

Dit artikel verscheen eerder op het permablog van De Nieuwe Pers.

Tagged with:
 

005De afgelopen kwarteeuw trilde de Noord-Nederlandse bodem honderden keren. Pas sinds afgelopen week lijkt ons land echter wakker geschud. Minister Kamp (Economische Zaken) moet naar de Tweede Kamer komen, journalisten trokken al muurscheuren filmend door het rampgebied en Jan Mulder mocht bij De Wereld Draait Door zijn Verontruste Grunninger-pet opzetten.

Reden voor al deze onrust: een brief van het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) aan minister kamp met het advies de gasproductie “zo snel mogelijk en zo veel als mogelijk en realistisch is, terug te brengen.” Groningen zou namelijk getroffen kunnen worden door zwaardere aardbevingen dan tot nu toe voor mogelijk werd gehouden. Dit advies roept een boel vraagtekens op: wat is immers het risico van een zwaardere aardbeving? Wat betekent “zo snel mogelijk en zo veel als mogelijk en realistisch is”? En hoe zit het met Kamps verzoek om meer onderzoek, en dus meer tijd, om een besluit te nemen?

Allereerst het risico op een aardbeving zwaarder dan 3,9 op de schaal van Richter: het SodM geeft dit een kans van zeven procent in de komende twaalf maanden, als de productie ongewijzigd blijft. Als de gaskraan met 40 procent zal worden dichtgedraaid, zal ook de kans op een zware aardbeving met 40 procent dalen, denkt het SodM. Bij een dergelijke maatregel blijft er in Groningen echter langer gas voorradig. Hierdoor wordt de kans op een zware aardbeving per jaar verkleind, maar blijft het aardbevingsgevaar langer bestaan.

Daarnaast is nog onduidelijk hoeveel zwaarder dan 3,9 op de schaal van Richter een mogelijke aardbeving precies kan worden. Het SodM brandt zijn vingers niet aan een voorspelling en beroept zich op het KNMI, dat op basis van “aardbevingen bij gasvelden elders in de wereld verwacht (…) dat de maximum sterkte ergens tussen de 4 en 5 zal liggen.” Maar een sterkte tussen de 4 en 5, dat maakt nogal uit. Richter maakte namelijk een logaritmische schaal, waarbij iedere stapje omhoog grofweg een tienmaal krachtiger aardbeving betekent. Bij schaal 4 raken dakpannen los, bij schaal 5 storten gebouwen in. In 1983 maakte een aardbeving met een kracht van 5,0 in Luik twee dodelijke slachtoffers en raakten zesduizend mensen dakloos. Bij een aardbeving met een kracht van 5,6 kwamen in Oost-Turkije in 2011 tweehonderd mensen om.

Vooral deze onzekerheid maakt dat minister Kamp twijfelt over het terugdraaien van de gaskraan. Hij wil eerst de risico’s in kaart hebben. VVD’er René Leegtenoemt Kamp daarom “een politicus met moed” en “een staatsman”. Het SodM houdt er echter een iets andere mening op na. Ze onderkent dat het geheel stoppen van de gasproductie “vanuit een breder perspectief dan alleen veiligheid” lastig is. Vandaar het zinsdeel “zo veel als mogelijk en realistisch is.” Maar het SodM adviseert de minister ook expliciet om niet eerst alle onderzoeken af te wachten. Dit levert immers zoveel vertraging op dat de Groningers “pas op zijn vroegst na 36-40 maanden effect” zullen merken. Vandaar het zinsdeel “zo snel mogelijk”. Met andere woorden: eerst alle onderzoeken afwachten betekent een nog jarenlang vergrootte kans op een potentieel zware aardbeving.

Dit artikel verscheen eerder op het permablog van De Nieuwe Pers.

Tagged with: